Het vierde scenario Transformeren riep heel veel ideeën op bij de collega's. Sommigen vonden het heel erg lastig, een soort ver van mijn bed show, anderen gingen helemaal los. Dit was wat er uit de hoofden van onze mensen kwam:
Transformeren:
leven lang leren met opleidingen via de bieb, TEDx, HEMA academie, KHAN academy
webinars
specialisten-netwerken
op aanvraag van publiek specialisten invliegen
welke doelgroepen wil je/ga je bereiken?
Entertainment: films, games, muziek
lokale experts invliegen: podium en opnemen
lokaal opstarten, opschalen naar landelijk
historisch café ook aan wijken relateren
inkomsten verhogen
bedrijfsmatig werken
PR, ook bij doelgroepen zoals in de school
maatschappelijk belang van merk bibliotheek
randvoorwaarden: 200% zelfbediening, kennis collectie koppelen aan actualiteit en vraag
narrowcasting verder uitbouwen; aanklikbare informatie, zelf toevoegen door burgers; check door bieb
veel meer projecten
meer beeldinformatie bv via website, uitleg via filmpjes: hoe...
aanvullende een ruilbibliotheek, en ruilservice op diensten e.d.
gedifferentieerd personeelsbestand, vast/flexibel/zzp'er
nano-technologie, chip in je lijf en informatie in the cloud
sponsoring van maatschappelijke opdrachten
flexibiliteit personeel: competenties, lerend vermogen, netwerken, goed verwijzen, didactisch vermogen, kwetsbaarheid, pro-actief, flexibiliteit
24 uurs diensten ism Antillen
budgetspreekuren
werkgroepen om kennis te delen
informatienetwerken opbouwen fysiek/digitaal, gebruikersfora
voorop lopen met digitale ontwikkelingen
huiswerkbegeleiding/spreekbeurten/werkstukken
professionaliteit van alle medewerkers
gebruikers/aanbieders mede-eigenaar van bibliotheek, gebouw of dienstverlening?
lokale verankering met lokale aanbieders
vrijwilliger/klant vs professional
loslaten
educatiecentrum een leven lang leren
inzet van kwaliteiten burgers (ook kinderen) tbv bibliotheekwerk nieuwe stijl
hulp aan niet zelf redzamen
veiligheid bieden
bibliotheek lost op in de samenleving of alles onder één dak, faciliteren van andere partijen
winteracademie in Bergen
KISS (keep it simple stupid) op alles wat je doet, oa abonnementen
collectieve collectie van wat alle inwoners zelf ook hebben met die van de bieb.
splitsing van professionele samenwerking, structureel en niet structureel
voortrekkers zoeken en die bij bibliotheek betrekken
taalvaardigheid structureel bevorderen op alle niveaus voor alle doelgroepen
duurzaamheidsprojecten: Transition Town, moestuinprojecten, consuminderen, repair café
bibliotheek als aanjager en intermediair, als kennismakelaar, community centres
jeugd en techniek, werklessen in de bieb?
TV show voor en door kinderen ism bieb: aandacht voor kennis verzamelen, onderwerpen, editten, onderzoeken, financien, tijd, budgetteren
apple goed volgen, technologie roept nieuwe mogelijkheden en kansen op
facetime voor ouderen
programmering Volksuniversiteit
stilteplekken/studieplekken
massage, chi gong, energie
reuring
ontmoetingsplek, fysiek en digitaal, versterken
25% van de jongeren voelt zich eenzaam en % stijgt naarmate leeftijd stijgt
stimuleren burgerinitiatieven
niet lullen maar poetsen, DOEN!
veel experimenteren
vraaggedreven werken
fouten maken moet
Ook hier weer heel veel ideeën. Ik ga dat eens rustig laten bezinken en na de zomervakantie gaan we verder werken aan de scenario's en de keuzes die we moeten gaan maken.
Posts tonen met het label toekomstvisie. Alle posts tonen
Posts tonen met het label toekomstvisie. Alle posts tonen
vrijdag 27 juni 2014
maandag 21 april 2014
Werken aan een nieuw beleidsplan
Op 8 april hadden we in Kennemerwaard onze tweede denksessie over het nieuwe beleidsplan dat 2015 in moet gaan. Ik vertelde jullie al eerder over de eerste sessie. Op 8 april kwamen de vier werkgroepen bij elkaar om hun denkbeelden te delen. Zij hadden ieder een verhaal gemaakt dat klopte, als je het hoorde voelde je je gelijk aangetrokken tot dat scenario. Zowaar een mooi resultaat, want het waren vier verschillende scenario's. Eén van consolideren, dus doen wat we altijd al deden met kwaliteit. Twee verbeteren, de dingen die we nu doen beter maken en beter doen. Drie Inspireren: meer met de burgers samen doen, kennis creëren, burgers vragen hun kennis te delen. En vier Transformeren: de bibliotheek wordt meer een coöperatie-achtig bedrijf, we zijn er van en voor de burgers. Burgers wordt gevraagd mede-eigenaar zijn op onderdelen, bibliotheek levert op die onderdelen waar ze het maatschappelijk verschil kan maken zelf mensen, op onderdelen waar dat niet zo is worden juist burgers ingezet omdat zij het beter kunnen. We zijn in scenario 4 een bibliotheek van tegenstellingen geworden. Rust versus reuring, waarheid versus leugen, antwoorden versus vragen.
We werden allemaal ongelooflijk enthousiast van elkaars verhalen. Kritische vragen over en weer, wat bedoel je hier mee, hoe gaan we dat dan doen? Vooral heel veel waardering voor elkaars denkkracht en zin om aan de slag te gaan. Jaap Peters, die ons opnieuw begeleidde, gaf ons een aantal opdrachten om ter plekke uit te werken. Zoals wat het uitvoeren van de scenario's betekent voor: collectie, collectieve ambitie, sturingsfilosofie, financiën, personeel, verdienmodel, marketing en PR, ICT. We kwamen tot de conclusie dat het uitvoeren van het ene scenario heel andere gevolgen heeft bijvoorbeeld voor de aansturing, voor collectie en voor personeel dan een ander scenario. Best lastig. Want de gedachte is dat alle vier de scenario's geldig zijn. We voeren zaken uit in scenario 1 tot en met 4. De nadruk ligt nu nog bij 1 en 2, maar we staan al met een halve voet in 3 en doen al voorzichtige vingeroefeningen in 4. Het is een puzzel waarvan de stukjes in elkaar grijpen.
Jaap gaf ons mee dat het belangrijk is om in ieder geval ook na te denken over wat hij noemt "geen spijt beleid". Daarmee bedoelt hij dat we nu al iets moeten gaan oppakken met elkaar (al dan niet in kleine groepjes) dat ons heel erg aanspreekt. Waarvan we denken dat het zonde zou zijn om het niet op te pakken. En we moeten nadenken over wat er in elk scenario zit dat zo waardevol is dat het te goed is om te verliezen. Het is meestal ook iets wat je in een ander scenario kunt hergebruiken of opnieuw kunt inzetten. Dat wordt een leuke klus! Nu gaan we tot de zomer met elkaar de boer op. Het managementteam gaat de vestigingen langs, de voor onze medewerkers inmiddels bekende 'roadshow' (met zelfgebakken cake door de directeur als lokkertje ;-). We gaan ook in gesprek met de raadsleden en wethouders, om hun input en visie te krijgen op onze ideeën. En de medewerkers die betrokken waren bij de eerste twee sessies hebben de uitdaging opgepakt om alleen of in kleine groepjes ook te gaan praten met mensen uit hun netwerk over die aankijken tegen onze scenario's. Nu gaan we dus eerst verzamelen om straks met een rijke oogst aan input een goed plan te hebben voor de komende vier jaar.
Wilt u meepraten over de toekomst van de bibliotheek? Laat het ons dan weten.
Erna Winters
We werden allemaal ongelooflijk enthousiast van elkaars verhalen. Kritische vragen over en weer, wat bedoel je hier mee, hoe gaan we dat dan doen? Vooral heel veel waardering voor elkaars denkkracht en zin om aan de slag te gaan. Jaap Peters, die ons opnieuw begeleidde, gaf ons een aantal opdrachten om ter plekke uit te werken. Zoals wat het uitvoeren van de scenario's betekent voor: collectie, collectieve ambitie, sturingsfilosofie, financiën, personeel, verdienmodel, marketing en PR, ICT. We kwamen tot de conclusie dat het uitvoeren van het ene scenario heel andere gevolgen heeft bijvoorbeeld voor de aansturing, voor collectie en voor personeel dan een ander scenario. Best lastig. Want de gedachte is dat alle vier de scenario's geldig zijn. We voeren zaken uit in scenario 1 tot en met 4. De nadruk ligt nu nog bij 1 en 2, maar we staan al met een halve voet in 3 en doen al voorzichtige vingeroefeningen in 4. Het is een puzzel waarvan de stukjes in elkaar grijpen.Jaap gaf ons mee dat het belangrijk is om in ieder geval ook na te denken over wat hij noemt "geen spijt beleid". Daarmee bedoelt hij dat we nu al iets moeten gaan oppakken met elkaar (al dan niet in kleine groepjes) dat ons heel erg aanspreekt. Waarvan we denken dat het zonde zou zijn om het niet op te pakken. En we moeten nadenken over wat er in elk scenario zit dat zo waardevol is dat het te goed is om te verliezen. Het is meestal ook iets wat je in een ander scenario kunt hergebruiken of opnieuw kunt inzetten. Dat wordt een leuke klus! Nu gaan we tot de zomer met elkaar de boer op. Het managementteam gaat de vestigingen langs, de voor onze medewerkers inmiddels bekende 'roadshow' (met zelfgebakken cake door de directeur als lokkertje ;-). We gaan ook in gesprek met de raadsleden en wethouders, om hun input en visie te krijgen op onze ideeën. En de medewerkers die betrokken waren bij de eerste twee sessies hebben de uitdaging opgepakt om alleen of in kleine groepjes ook te gaan praten met mensen uit hun netwerk over die aankijken tegen onze scenario's. Nu gaan we dus eerst verzamelen om straks met een rijke oogst aan input een goed plan te hebben voor de komende vier jaar.
Wilt u meepraten over de toekomst van de bibliotheek? Laat het ons dan weten.
Erna Winters
vrijdag 7 maart 2014
Werken aan een nieuw beleidsplan
Vorige maand zijn we begonnen met de contouren voor ons nieuwe beleidsplan. In een sessie met onze accountmanagers, beleidsmedewerkers, leden van het managementteam en teamleiders hebben we de eerste stappen gemaakt naar nieuw beleid. We hebben ons eerst door Jaap Peters, veranderingskundige mee laten nemen in hoe ontwikkelingen in de maatschappij gaan. Er is altijd sprake van een bovenstroom en onderstroom. Dingen die je misschien al wel aan ziet komen, maar die nog niet heel erg opvallend zijn, dat is de onderstroom. Early adapters en innovators zien die ontwikkelingen al wel, maar de meerderheid heeft er een sceptische houding over. De bovenstroom daarvan denkt de meerderheid dat het allemaal wel zal blijven, dat het doemdenkers zijn die zeggen dat bijvoorbeeld de bibliotheek op zal houden te bestaan. Jaap schreef daar een interessant artikel over samen met Rob Wetzels, over hoe de verandering er eerder is dan de strategie. Het is de kunst om de verandering te zien en daar dan een strategie of scenario op te bedenken die past bij je organisatie.
Vervolgens hebben we ons door Mark Deckers, beste bibliothecaris in 2011, laten meenemen in de ontwikkelingen in bibliotheekland soms ontzettend demotiverend ;-) en vaak heel motiverend en in de maatschappij om ons heen, heel inspirerend. Met die mentale bagage zijn we aan de slag gegaan. We hebben twee scenario's uitgewerkt van de bovenstroom en twee van de onderstroom. Dat gaf resultaten in kwadranten rond de assen van oud doen, oud denken, nieuw doen en nieuw denken. De werkgroep die met de resultaten van die middag aan de slag ging hebben eerst de assen van nieuwe aanduidingen voorzien. Vervolgens is de lijst met associaties per kwadrant die in de bijeenkomst tot stand kwam bestudeerd. De werkgroep is met een kernwoord per kwadrant gekomen, alsmede met een verbeelding die moet verduidelijken waar het in het betreffende kwadrant om gaat. Onderstaand is de uitkomst schematisch weergegeven en per kwadrant uitgewerkt.
Vervolgens hebben we ons door Mark Deckers, beste bibliothecaris in 2011, laten meenemen in de ontwikkelingen in bibliotheekland soms ontzettend demotiverend ;-) en vaak heel motiverend en in de maatschappij om ons heen, heel inspirerend. Met die mentale bagage zijn we aan de slag gegaan. We hebben twee scenario's uitgewerkt van de bovenstroom en twee van de onderstroom. Dat gaf resultaten in kwadranten rond de assen van oud doen, oud denken, nieuw doen en nieuw denken. De werkgroep die met de resultaten van die middag aan de slag ging hebben eerst de assen van nieuwe aanduidingen voorzien. Vervolgens is de lijst met associaties per kwadrant die in de bijeenkomst tot stand kwam bestudeerd. De werkgroep is met een kernwoord per kwadrant gekomen, alsmede met een verbeelding die moet verduidelijken waar het in het betreffende kwadrant om gaat. Onderstaand is de uitkomst schematisch weergegeven en per kwadrant uitgewerkt.
Kwadrant 1. oud doen/oud denken
verbeelding: ‘oude wijn in oude zakken’
kernwoord: consolideren
associaties uit de workshop: Bijbel/boeken/old fashion/folders/kennis uitlenen/oude stempel/aanbod
Kwadrant 2. oud denken/nieuw doen
verbeelding: ‘oude wijn in nieuwe zakken’
associaties uit de workshop: Wie heeft mijn kaas gegeten?/e-reader/ nieuw jasje/mensenbibliotheek/social media/verbinding/kennis verdelen/inspiratie
Kwadrant 3. oud doen/nieuw denken
verbeelding: ‘nieuwe wijn in oude zakken’
kernwoord: inspireren
associaties uit de workshop: Game of Thrones/ Little Free Library /vintage/kennismaken/ ?/uniform
Kwadrant 4. nieuw doen/nieuw denken
kernwoord: transformeren
associaties uit de workshop: Utopia/connectie/couture/faciliteren/kennis maken/co-creatie
Op 8 april gaan we verder met de ideeën. Maar voor die tijd ligt er eerst huiswerk voor vier groepen, die elk een scenario moeten uitwerken. Iedere groep schets in een verhaal van ongeveer 500 woorden met bijbehorende plaatjes/beelden hoe dat kwadrant er voor de bibliotheek in 2020 uit ziet. Het verhaal moet zo geschreven zijn dat je het gelijk gelooft en dat je er enthousiast van wordt. Er komen dus voor 8 april vier verhalen (met plaatjes en beelden) de de input vormen voor die volgende bijeenkomst.
Tijdens die bijeenkomst gaan we aan de slag om de consequenties per scenario te bespreken en in kaart te brengen. Lekker, werken aan de winkel van de toekomst terwijl de winkel van nu open blijft. En ik mag met nieuwe wijn in nieuwe zakken aan de gang. Ik zie een nieuw soort Beaujolais al flonkeren in het glas ;-)
We komen ook graag van u, onze klanten, te weten hoe u naar de toekomst kijkt. Binnenkort in uw bibliotheek dus ook denksessies met u! Ik zie u daar graag.
Erna Winters
woensdag 27 juni 2012
grote ambities, deel 2
Hoe is dat nu als je dat probeert te vertalen in een verhaal vanuit het perspectief van klanten?
Arend, directeur van een basisschool in Alkmaar, 50 jaar, getrouwd, 3 kinderen heeft de CITO cijfers gekregen van zijn leerlingen. Hij is er stevig van geschrokken. Een kwart van de kinderen uit de bovenbouw scoort lager dan het landelijk gemiddelde. De trend van de afgelopen jaren dat er steeds minder kinderen een HAVO of VWO advies krijgen heeft ook dit jaar doorgezet. Het percentage dat naar de HAVO/VWO zou kunnen is weer 2% lager dan afgelopen jaar.
Arend besluit nu echt in te grijpen. Hij belegt een spoedvergadering met zijn lerarenteam om de CITO resultaten door te spreken. Hij wil weten hoe het komt dat de kinderen steeds minder goed scoren. Na de gebruikelijke excuses van te hoge werkdruk, kinderen uit kansarme wijken, te veel formulieren om in te vullen vraagt Arend zijn lerarenteam om met oplossingen te komen die de prestaties van hun leerlingen echt beter maken. De CITO toets toont aan dat veel kinderen leesachterstanden hebben, en dat ze middelmatig scoren op de vakken geschiedenis en aardrijkskunde.
De leraren komen gezamenlijk tot de conclusie dat er meer aandacht voor lezen moet komen. Lezen is de sleutel tot betere prestaties, niet alleen voor het lezen zelf, maar ook voor de andere vakken. Verder willen de leerkrachten graag meer tijd aan de voorbereiding van hun lessen kunnen besteden. Ze vinden dat ze te weinig met actuele zaken kunnen doen en te weinig verdieping kunnen bieden aan die kinderen uit de klas die dat wel willen en aankunnen.
Arend vraagt aan de leerkrachten of ze misschien ook ideeën hebben hoe ze dit kunnen oplossen. Want het probleem is dan wel benoemd, hoe gaan ze het oplossen. Janneke, een van de leraressen verteld dat haar zus op een school in Heerhugowaard lesgeeft. Daar hebben ze een combinatiefunctionaris van de bibliotheek. Die helpt de onderwijzers met programma’s voor het lezen. Janneke stelt voor om de bibliotheek uit te nodigen voor een gesprek. Misschien heeft de bibliotheek wel ideeën over hoe ze hun leesonderwijs leuker kunnen maken waardoor de kinderen meer plezier in lezen krijgen.
Arend nodigt de bibliotheek uit voor een gesprek en gezamenlijk besluiten ze een proef te doen waarbij de bibliotheek de school ondersteunt bij het leesonderwijs en ook helpt met het bijbrengen van zoekvaardigheden aan leerlingen en leerkrachten.
Twee jaar verder:
Lerares Janneke zit op zondag avond haar lessen voor te bereiden. De tv staat aan, en haar mobiel ligt naast haar. Haar mobiel trilt, een twitterbericht komt binnen. In China is een enorme aardbeving geweest. Janneke was net bezig met haar les over aardrijkskunde, over de werking van de aarde. Ze wil haar les wel wat actueler maken. Ze zoekt zelf informatie over aardbevingen op, dat vindt ze op wikipedia. Maar ze heeft problemen om haar presentatie goed op haar stick te krijgen die ze morgen in haar Smartboard wil laden. Ze kijkt op haar horloge en ziet dat de helpdesk van de bibliotheek nog open is. Ze belt meteen. Ze krijgt Robert aan de telefoon. Gelukkig maar, die heeft haar al een paar keer goed geholpen met wat softwareachtige problemen. Ze vertelt hem waar ze mee bezig is en al pratend helpt Robert haar om haar presentatie op te slaan op haar usb stick. Ondertussen heeft Robert haar nog wat extra informatie toegemaild over China en over aardbevingen. Hij vraagt haar of er wel genoeg boeken op school zijn over China en aardbevingen. Janneke weet dat niet zeker. “Weet je wat” zegt Robert, “morgenochtend laat ik even nog een aantal extra materialen voor je bezorgen die jou les goed ondersteunen”. Opgelucht hangt Janneke even later op. Op maandag ochtend wordt er na het kringgesprek op haar raam getikt. Daar staat de chauffeur van de bibliotheek, die de beloofde extra materialen komt brengen.
Fatima die bij meester Fred in de klas zit leest heel veel. Ze heeft bijna alles al gelezen in de kast die voor haar bedoeld is. Op aanraden van meester Fred gaat Fatima langs bij de bibliotheek. Ze vertelt een beetje verlegen aan Anna dat ze alles al gelezen heeft. Zou Anna nog wat meer voor haar weten? Anna neemt haar mee naar de jeugdhoek en vraagt Fatima welke boeken ze leuk vindt. Samen zoeken ze door de kasten en vinden ze twee boeken die Fatima niet kent. “Als je ze uit hebt”, zegt Anna, “zorg ik dat er weer een paar nieuwe voor je staan. En heb jij ook een tablet?” Fatima knikt, die heeft ze van school te leen gekregen. Ze is er heel trots en zuinig op. “Neem die dan volgende keer ook maar mee” zegt Anna. “Er is een jonge schrijver hier uit Alkmaar die voor kinderen van jouw leeftijd schrijft. Hij is nog maar net begonnen en zoekt proeflezers. Lijkt je dat wat om als één van de eersten een boek te lezen en te vertellen hoe je het vond?” Dat lijkt Fatima wel wat.
Meester Fred, ondertussen, heeft niks met dat hele programma van de bibliotheek. Hij vindt het allemaal maar onzin. Hij kan zich prima zelf redden. Hij gaat braaf elke drie weken met z’n klas op bezoek in de bieb, hij helpt Irma, medewerkster van de bibliotheek, dan ook als ze uitlegt hoe de bibliotheek werkt. Hij kent het klappen van de zweep. Fred is amateurfotograaf en daar gaat al zijn vrije tijd aan op. Lezen doet hij alleen in fotobladen, waar hij zelf lid van is.
Nu hoorde hij wel laatst dat er een nieuw fotobewerkprogramma Photolight is. Dat heeft hij inmiddels gekocht, maar hij kan er niet echt mee over weg. Als hij met zijn klas op bezoek is in de bibliotheek ziet hij dat er een medewerker van de bibliotheek in een andere hoek bezig is met een klein groepje mensen. Ze zijn foto’s aan het bewerken ziet hij. En het lijkt wel erg op Photolight, wat hij zelf heeft gekocht. Terwijl zijn klas lekker bezig wordt gehouden door de Irma ( ja ze doet het altijd wel goed hoor, al kan hij het zelf natuurlijk veel beter) struint hij toch even naar dat groepje cursisten toe. En ja, ze zijn onder begeleiding van een medewerker van de bibliotheek bezig met Photolight. Hij vraagt aan één van de cursisten of het een beetje wil lukken, en of de cursus beantwoord aan zijn verwachtingen. De man kijkt hem licht verstoord aan, maar begint dan heel enthousiast te praten over het cursusaanbod van de bibliotheek. “Leuk man! Je kunt op klassikale zaken intekenen, en je kunt ook met een groepje dat je zelf bij elkaar zoekt aan de bibliotheek vragen om een docent rondom een bepaald thema voor je te organiseren. Helemaal top!” De man zit nu bijna wekelijks bij de bibliotheek. Laatst zat hij nog bij een cursus over het bouwen van een website. Erg leerzaam. En hij zat er nota bene tussen een heleboel ondernemers, zelfstandige professionals. Hij had nooit gedacht dat die nou ook nog gebruik zouden maken van de bibliotheek, maar zie je…. En hij wijst naar drie mensen die in het restaurant zitten… dat zijn alle drie zzp’ers. Die zitten hier lekker te werken en te netwerken. Is de bieb ideaal voor.
Het is inmiddels mei en de CITO resultaten van de school van Arend zijn binnen. Na twee jaar intensief samenwerken met de bibliotheek is hij blij om te zien dat voor het tweede achter één volgende jaar zijn de resultaten omhoog gegaan. De school heeft nu voor het eerst meer aanmeldingen gekregen van nieuwe leerlingen. De leesvaardigheid van de kinderen is met sprongen vooruit gegaan. De leerkrachten hebben meer plezier in hun werk gekregen doordat ze voor de voorbereiding van hun lessen ondersteuning krijgen van de bibliotheek in het integreren van actuele onderwerpen. Met de levering van e-content en boeken krijgen de kinderen ook meer verdiepingsmateriaal aangeleverd. Er zit meer uitdaging in het lesgeven en de kinderen vinden het ook leuker. De bibliotheek heeft zelfs al een paar keer een interessante workshop met een natuurwetenschapper en een striptekenaar georganiseerd voor de school. De kinderen maken ook betere werkstukken en spreekbeurten. De onderwerpen waarover ze het hebben zijn gevarieerder en ze gaan ook meer de diepte in. Al met al is Arend heel tevreden over het besluit dat hij twee jaar geleden met een stevige aarzeling nam. Het bedrag dat hij kwijt is voor de dienstverlening van de bibliotheek verdient hij dubbel en dwars terug. De bibliotheek levert echt waar voor haar geld.
De uitwerking van alles wat we willen bereiken voor onze kernklant, het onderwijs, moet zo’n stevige basis hebben en zo’n spin off dat we heel makkelijk ook dienstverlening voor andere partijen kunnen bieden. Soms door hetzelfde te bieden maar dan iets anders verpakt, soms door de accenten net iets anders te leggen zodat ze aansluiten bij hun behoeften. En dat hoeft niet moeilijk te zijn omdat we onze klanten goed kennen en ons in hen kunnen verplaatsen. We praten met ze, we betrekken ze bij onze dienstverlening.
Wat vindt u van zo'n dienstverlening? Wilt u dat ook wel voor u zelf? laat het ons weten!
Erna
maandag 25 juni 2012
grote ambities, deel 1
Big hairy audacious goal (BHAG) voor Bibliotheek Kennemerwaard
Afgelopen maandag heeft het managementteam van Kennemerwaard onder begeleiding van Floris Hurts, van Avicenna academie voor leiderschap, en onder andere schrijver van “De onmisbaarheidsfactor” gesproken over de toekomstvisie.
Wat Floris Hurts ons, voordat we zelf aan de slag gingen meegaf was het volgende:
Een toekomstvisie, een doel voor de toekomst moet een ‘big hairy audacious goal’ zijn (gebaseerd op het boek “Built to last” James Collins and Jerry Porras). Dat betekent dat je een visie moet hebben waarvan je het gevoel hebt dat als je je uiterste best doet, dat je het dan nét zult kunnen bereiken. Maar alléén als je alles op alles zet. Voor de bibliotheek betekent dat misschien wel een oplossing bedenken zonder boeken.
De droom moet altijd gaan over je klant, over welk probleem je gaat oplossen voor je kernklant. En hoe groter de horizon die je kiest, hoe kleiner je rol in het totaal. Dus als wij als bibliotheek Kennemerwaard vinden dat we een rol willen spelen in de behoeftepiramide als het gaat om ‘bijdragen’, wat bovenaan de behoeftepiramide staat en dus pas als laatste op het ‘wensenlijstje’ van potentiele klanten of gebruikers, dan betekent dat dat we een hele sterke droom moeten hebben.
![]() |
| behoeftepiramide kennemerwaard |
Bij het bedenken van een BHAG is het belangrijk dat je een soort mindmap maakt van je klant. Daarbij is het van belang te bedenken of we onze kernklanten wel goed genoeg kennen. En als je kiest voor een instelling als kernklant, moet je ook bedenken wie dáár dan uiteindelijk de eindgebruiker is.
Binnen Kennemerwaard is (al eerder) gekozen de komende jaren meer te richten op het onderwijs. Dat wil overigens niet zeggen dat we niets meer gaan doen voor onze andere klanten. Maar het betekent wel dat we onze dienstverlening voor het onderwijs ‘state of the art’ willen gaan maken. Zodanig dat medewerkers van scholen, kinderen, ouders, grootouders zo enthousiast worden over de bibliotheek dat dit maakt dat zij ook gebruik van de bibliotheek gaan maken.
Ons motto is: “wij maken laten leren leuker, beter, effectiever.” of Een leven lang leuker leren?
Over wat voor dienstverlening hebben we het dan over 5 tot 10 jaar?
· De bibliotheek is 7 dagen per week van 7 uur ’s ochtends tot 24.00 uur bereikbaar voor leerkrachten.
· De bibliotheek levert zijn diensten via cross-channeling (fysiek en digitaal) én op de smartphone (of diens opvolger).
· De bibliotheek levert content voor de hardware van scholen. Als de school wil kunnen wij ook de hardware (tablets) leveren met een prijsvoordeel.
· De dienstverlening die we leveren is gepersonaliseerd, we kennen de behoeften van onze klanten en tippen ze over activiteiten, interessante publicaties over hun interesses. Verder hebben we ook gepersonificeerde diensten. De medewerker van het onderwijs weet welke medewerker hij voor welk probleem of vraag kan benaderen.
· De dienstverlening van de bibliotheek is gemakkelijk, je hebt geen gedoe. Beetje te vergelijken met de HEMA.
· Als je de bibliotheek een vraag stelt is er direct contact en reactie en binnen 4 uur heb je antwoord.
· De bibliotheek levert gestandaardiseerd maatwerk; dienstverlening aan het onderwijs is modulair uit te bouwen.
· De bibliotheek heeft een bezorgdienst. Het is verwelkomend voor de klant. Je voelt je uitgedaagd door de bibliotheek om meer te willen weten, meer te willen leren. Je wilt erbij horen als klant. En er is altijd iets nieuws te doen.
· De dienstverlening van de bibliotheek voelt als iets heel vanzelfsprekend. Wat de bibliotheek levert is ‘sexy basaal’, het valt onder ‘need to have’, zonder de dienstverlening van de bibliotheek tel je niet mee.
Erna
Erna
vrijdag 8 juni 2012
Toekomstvisie voor de branche, een poging
Gisteren werd in de ledenvergadering van de VOB de branchestrategie aangenomen. Met één tegenstemmer. Ik dus. Ik heb een hartstochtelijk pleidooi gehouden voor passie en bevlogenheid. Ik heb gevraagd om een stuk te schrijven waarbij ik het clubgevoel krijg. Want de VOB is een vereniging. En met z'n allen moeten we voor de cup met de grote oren willen gaan. We zouden iets moeten opschrijven waarvan we met z'n allen zeggen: YES! hier gaan we voor. Dit zijn wij, dit is wie wij willen zijn.
Er staat niets 'fouts' in de branchestrategie, maar het inspireert mij niet en ik heb niet het gevoel dat ik uitgedaagd word om een grootse en meeslepende droom na te jagen. Ik voel me niet aangesproken op mijn idealisme.
Nu schijnt tijdens de ochtendbijeenkomst de belofte te zijn gedaan, die ook 's middags door de voorzitter werd herhaald, dat er een nieuwe wervende tekst zal komen. Met die belofte ben ik blij, en toch heb ik tegen gestemd. Want wat ik verder ook vind van de branchestrategie, ik mis de droom. Er is geen ideaal beschreven waar we met z'n allen naar toe willen werken. En dat vind ik een gemiste kans. Ik wil een stuk waarvoor ik op de barricaden wil klimmen, waarvoor ik met vlag en vaandel als een Marianne naar het Malieveld of naar het lokale stadhuis wil trekken, gevolgd door een stoet medebibliothecarissen.
Nu moet ik in alle eerlijkheid bekennen dat het schrijven van een inspirerend stuk niet meevalt. Ik heb er voor onze bibliotheek een poging toe gedaan. Die tekst heb ik gepoogd om te zetten naar een visie voor de branche. En hij kan beter, scherper, inspirerender, gepassioneerder. Dus wie helpt de branche verder en de tekstschrijvers die aan het werk moeten gaan om van de oorspronkelijke tekst iets aansprekends te maken.
Visie op de branche, een aanzet, een idee, een droom
De vereniging openbare bibliotheken is in 2016 een niet weg te denken vereniging op het landelijk speelveld. Landelijk zorgt de VOB dat bij vraagstukken rondom de kenniseconomie en burgerschap de bibliotheek als belangrijke partner in de bevordering van kennis en kunde voor en door burgers erkend en bevorderd wordt. De VOB ondersteunt daarmee de lokale en provinciale bibliotheken en hun gezamenlijke netwerk.
Over vier jaar is het onderscheid tussen digitaal en fysiek lenen komen te vervallen. De verschijningsvorm van informatie wordt niet meer als relevant beschouwd. De bibliotheek heeft het recht om informatie uit te lenen en beschikbaar te stellen ten behoeve van een leven lang leren, onafhankelijke besluitvorming en culturele ontwikkeling. Dat recht wordt door alle spelers in het informatie erkend. Het gaat om informatie die in schrift, beeld en geluid is gevat en in de hoofden van mensen. De bibliotheek is het platform, het kennisknooppunt waar al deze kennis samenkomt en opnieuw wordt gedeeld en vermeerderd. De bibliotheek maakt de samenleving slimmer, betrokken, vriendelijker, kritischer, vrolijker.
Provinciaal zijn de serviceorganisaties met elkaar gefuseerd of opgegaan in netwerkorganisaties. Door met elkaar de komende vier jaar vergaand samen te werken en versterking van provinciale krachten is aan het eind van de beleidsperiode een natuurlijke samensmelting van serviceorganisaties ontstaan. Deze nieuwe organisaties zijn onderdeel van het netwerk van lokale bibliotheken. Zij kennen de behoefte van de lokale bibliotheken en spelen een cruciale rol in de innovaties en uitrol van vernieuwingen. Zij stimuleren en enthousiasmeren lokale bibliotheekdirecteuren en medewerkers om in netwerkverband de burger en klanten van de bibliotheek met aansprekende dienstverlening aan zich te binden. De provinciale serviceorganisaties leveren aan lokale bibliotheken diensten ten behoeve van dienstverlening aan bedrijven.
Lokaal zijn de bibliotheken in elke gemeente vertegenwoordigd. Die gemeenten die de afgelopen jaren besloten hebben om vestigingen te sluiten, hebben door het aansprekende en prikkelende bibliotheekwerk in nabij gelegen gemeenten de bibliotheekorganisatie gevraagd om nieuwe dienstverlening op te zetten waarmee de lokale economie, burgers en onderwijs ondersteund worden in hun behoefte zich zelf te ontwikkelen. De missie van de bibliotheek, zoals door de branche vastgesteld, wordt in alle gewesten gekend, gehoord en onderschreven. Lokaal zijn bibliotheken verschillend in hun verschijningsvorm, en sluiten daarmee altijd aan bij de lokale behoefte van burgers en van klanten. De bibliotheek is een inspirerende organisatie die klanten en burgers uitdaagt om het beste uit zichzelf te halen en dat ook te delen met anderen.
Lokale ondernemingen gebruiken de bibliotheek meer en meer als trainingsinstituut voor hun medewerkers. De bibliotheek heeft de kennis en kunde medewerkers van ondernemingen te scholen in het zoeken en beoordelen van informatie én om ze te scholen in het gebruik van sociale media of hun opvolgers. De bibliotheek is een lichtend voorbeeld door midden in de samenleving te staan en bedrijven willen zich graag associëren met de lokale bibliotheek. De bibliotheek benadert instellingen en bedrijven en wordt zelf benaderd. De lokale bibliotheek wordt hierin ondersteund door en werkt samen met het provinciale netwerk en de provinciale serviceorganisaties.
Wij als branche, als collega’s (directeuren) creëren met elkaar een cultuur waarin we van en met elkaar willen leren. We willen elkaar inspireren, prikkelen en passioneren en we willen elkaar door het geven van feedback verbeteren. Als branche hebben wij een lerend vermogen en leren we van reflectie. Wij zijn bereid om naar ons zelf te kijken, en we zijn bereid om elkaar te helpen.
Wat zijn jouw ideeën over jouw bibliotheek? Wat verwacht jij van ons? Laat het ons weten!
Erna
Er staat niets 'fouts' in de branchestrategie, maar het inspireert mij niet en ik heb niet het gevoel dat ik uitgedaagd word om een grootse en meeslepende droom na te jagen. Ik voel me niet aangesproken op mijn idealisme.
Nu schijnt tijdens de ochtendbijeenkomst de belofte te zijn gedaan, die ook 's middags door de voorzitter werd herhaald, dat er een nieuwe wervende tekst zal komen. Met die belofte ben ik blij, en toch heb ik tegen gestemd. Want wat ik verder ook vind van de branchestrategie, ik mis de droom. Er is geen ideaal beschreven waar we met z'n allen naar toe willen werken. En dat vind ik een gemiste kans. Ik wil een stuk waarvoor ik op de barricaden wil klimmen, waarvoor ik met vlag en vaandel als een Marianne naar het Malieveld of naar het lokale stadhuis wil trekken, gevolgd door een stoet medebibliothecarissen.
![]() |
| Marianne, Delacroix |
Nu moet ik in alle eerlijkheid bekennen dat het schrijven van een inspirerend stuk niet meevalt. Ik heb er voor onze bibliotheek een poging toe gedaan. Die tekst heb ik gepoogd om te zetten naar een visie voor de branche. En hij kan beter, scherper, inspirerender, gepassioneerder. Dus wie helpt de branche verder en de tekstschrijvers die aan het werk moeten gaan om van de oorspronkelijke tekst iets aansprekends te maken.
Visie op de branche, een aanzet, een idee, een droom
De vereniging openbare bibliotheken is in 2016 een niet weg te denken vereniging op het landelijk speelveld. Landelijk zorgt de VOB dat bij vraagstukken rondom de kenniseconomie en burgerschap de bibliotheek als belangrijke partner in de bevordering van kennis en kunde voor en door burgers erkend en bevorderd wordt. De VOB ondersteunt daarmee de lokale en provinciale bibliotheken en hun gezamenlijke netwerk.
Over vier jaar is het onderscheid tussen digitaal en fysiek lenen komen te vervallen. De verschijningsvorm van informatie wordt niet meer als relevant beschouwd. De bibliotheek heeft het recht om informatie uit te lenen en beschikbaar te stellen ten behoeve van een leven lang leren, onafhankelijke besluitvorming en culturele ontwikkeling. Dat recht wordt door alle spelers in het informatie erkend. Het gaat om informatie die in schrift, beeld en geluid is gevat en in de hoofden van mensen. De bibliotheek is het platform, het kennisknooppunt waar al deze kennis samenkomt en opnieuw wordt gedeeld en vermeerderd. De bibliotheek maakt de samenleving slimmer, betrokken, vriendelijker, kritischer, vrolijker.
Provinciaal zijn de serviceorganisaties met elkaar gefuseerd of opgegaan in netwerkorganisaties. Door met elkaar de komende vier jaar vergaand samen te werken en versterking van provinciale krachten is aan het eind van de beleidsperiode een natuurlijke samensmelting van serviceorganisaties ontstaan. Deze nieuwe organisaties zijn onderdeel van het netwerk van lokale bibliotheken. Zij kennen de behoefte van de lokale bibliotheken en spelen een cruciale rol in de innovaties en uitrol van vernieuwingen. Zij stimuleren en enthousiasmeren lokale bibliotheekdirecteuren en medewerkers om in netwerkverband de burger en klanten van de bibliotheek met aansprekende dienstverlening aan zich te binden. De provinciale serviceorganisaties leveren aan lokale bibliotheken diensten ten behoeve van dienstverlening aan bedrijven.
Lokaal zijn de bibliotheken in elke gemeente vertegenwoordigd. Die gemeenten die de afgelopen jaren besloten hebben om vestigingen te sluiten, hebben door het aansprekende en prikkelende bibliotheekwerk in nabij gelegen gemeenten de bibliotheekorganisatie gevraagd om nieuwe dienstverlening op te zetten waarmee de lokale economie, burgers en onderwijs ondersteund worden in hun behoefte zich zelf te ontwikkelen. De missie van de bibliotheek, zoals door de branche vastgesteld, wordt in alle gewesten gekend, gehoord en onderschreven. Lokaal zijn bibliotheken verschillend in hun verschijningsvorm, en sluiten daarmee altijd aan bij de lokale behoefte van burgers en van klanten. De bibliotheek is een inspirerende organisatie die klanten en burgers uitdaagt om het beste uit zichzelf te halen en dat ook te delen met anderen.
Lokale ondernemingen gebruiken de bibliotheek meer en meer als trainingsinstituut voor hun medewerkers. De bibliotheek heeft de kennis en kunde medewerkers van ondernemingen te scholen in het zoeken en beoordelen van informatie én om ze te scholen in het gebruik van sociale media of hun opvolgers. De bibliotheek is een lichtend voorbeeld door midden in de samenleving te staan en bedrijven willen zich graag associëren met de lokale bibliotheek. De bibliotheek benadert instellingen en bedrijven en wordt zelf benaderd. De lokale bibliotheek wordt hierin ondersteund door en werkt samen met het provinciale netwerk en de provinciale serviceorganisaties.
Wij als branche, als collega’s (directeuren) creëren met elkaar een cultuur waarin we van en met elkaar willen leren. We willen elkaar inspireren, prikkelen en passioneren en we willen elkaar door het geven van feedback verbeteren. Als branche hebben wij een lerend vermogen en leren we van reflectie. Wij zijn bereid om naar ons zelf te kijken, en we zijn bereid om elkaar te helpen.
Wat zijn jouw ideeën over jouw bibliotheek? Wat verwacht jij van ons? Laat het ons weten!
Erna
Abonneren op:
Posts (Atom)




